StadsOntwikkeling Utrecht is voortgekomen uit de fusie van twee diensten van de gemeente. De eerste aandacht is uitgegaan naar het op orde brengen van de interne organisatie. In december 2007 is besloten om een (meerjaren)strategie op te stellen waaraan sturingsindicatoren kunnen worden verbonden. Met vervolgens te definiëren indicatoren wordt (bij)sturing van de organisatie mogelijk. StadsOntwikkeling Utrecht heeft hierbij gekozen om een strategy map op te stellen met behulp van de werkvorm ‘atelier’. Twynstra Gudde wordt gevraagd deze ateliers te begeleiden en te ondersteunen bij het ontwikkelen van de sturingsindicatoren.
Atelier 1: Op zoek naar strategie
In het eerste atelier gaan we samen met de afdelingshoofden van StadsOntwikkeling Utrecht op zoek naar de (meerjaren)strategie van de gemeente Utrecht. Uitgangspunt voor dit atelier is de programmabegroting van het College. Met behulp van een strategy mapping op basis van een Doelen-Inspanningen Netwerk (DIN) maken we de verbanden in de programmabegroting duidelijk. Tijdens het atelier komt naar voren dat StadsOntwikkeling Utrecht (nog) geen (meerjaren)strategie kan benoemen als gevolg van het ontbreken van een sturingsmodel.
Atelier 2: Inrichting sturingsmodel
Door de uitkomst van het eerste atelier is dit atelier gericht op het inrichten van het sturingsmodel van StadsOntwikkeling Utrecht. We besteden aandacht aan de verschillende taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden en met behulp van een tijdlijn maken we gezamenlijk de benodigde Planning&Control cycli inzichtelijk. Deze cycli laten we nauw aansluiten op de Planning & Control cyclus van het College.
Sturingsmodel als opzet voor ontwikkeling sturingsindicatoren
Onze rapportage aan het einde van de ateliers betreft een uitwerking van het in het tweede atelier ontwikkelde sturingsmodel voor StadsOntwikkeling Utrecht. De rapportage maakt onderlinge taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden inzichtelijk, zowel ten opzichte van het College als intern. Het sturingsmodel is vormgegeven door in elkaar grijpende Planning & Control cycli. Voor de opdrachtgever heeft dit traject en de rapportage inzichtelijk gemaakt dat het ontwikkelen van sturingsindicatoren alleen kan plaatsvinden binnen een helder sturingsmodel. Op deze manier zijn namelijk de onderlinge rollen geborgd.